AFL#48 Impactmakerschap: veranker duurzaamheid in je onderwijs
Duurzaamheid op school verankeren in je onderwijspraktijk: dat is het doel van de handreiking Impactmakerschap die Rens Rietveld geschreven heeft. Hij heeft het in onze podcast over hoe associate-degree-opleidingen kunnen verduurzamen zodat je studenten handelingsperspectief geeft om de wereld te verbeteren.
Waarom zou je dat willen doen? En hoe begin je eraan? De Betere Docentenkamer probeert Rens zo kritisch mogelijk te bevragen. Voor de volledigheid: Rens is de onderwijsmanager van Rinus en Simon. Daarbij is duurzaamheid en onderwijs (niet?) toevallig een van hun favoriete onderwerpen.
De aflevering
De transcriptie
Transcriptie van deze aflevering 48 Impactmakerschap: veranker duurzaamheid in je onderwijs
[sketch]
Rinus: Zo, dan moet ik even nieuwe vuurstenen zien te krijgen.
Bob: Rinus!
Rinus: Heb jij het regenwater meegenomen?
Bob: Ja, ja. Ik wilde dat door de toilet spoelen.
Rinus: Ja, nee. Ik moet heel even mijn voeten wassen, want ik kreeg net een paar opmerkingen van studenten. Ik loop al weken op blote voeten hier rond, dus eh… Die tegels zijn hier ook uitgehaald. Kijk! (geluid van groot dier) Daar loopt er één. Zie je hem?
Bob: Ja. Ja, ik wist niet dat het zo groot kon worden.
Rinus: Nee, ja. Het loopt hier gewoon binnen.
Bob: Maar als je ze dan echt in het echt ziet, is het wel imponerend, toch?
Rinus: Ja, dat zeker. Ik vind die apen die hier in de aula hangen… In de eerste instantie vond ik het een leuk idee, maar ik vind het nu wel echt irritant worden. Ze pakken allemaal weesbananen af. Ho, die plant, die trui, die besjes…
Bob: Ja.
Rinus: Die moet je niet eten, want je moet die hebben. Die oranje daar.
Bob: Die hier bij lokaal 321 hangen?
Rinus: Ja, precies.
Bob: Ze staan nu wel gewoon echt een varken in de kantine te roosteren.
Rinus: Ze zijn nog steeds vlees aan het eten?
Bob: Ja, nee maar dat was roadkill.
Rinus: Ah, oké. Ze hadden toch alle wegen verwijderd?
Bob: Ja, nee. Die is omvergelopen door een neushoorn.
Rinus: Ah, ja. Oké. Wel leuk dat die weer terug zijn, hè?
Bob: Ja. Rinus, we zitten in 2030. Hoe zijn we in deze situatie terechtgekomen?
Rinus: Ja, ik weet nog… We hadden toen wel eens bij een podcast… Daar was een Rens Rietveld hier en toen hebben we het over duurzaamheid gehad. En toen zijn we…
Bob: Oh ja, met die podcast. Toen ben jij begonnen met het wippen van die tegels.
Rinus: Ja, dat is inderdaad. En zo zie je maar dat een klein inderdaad een grote impact kan hebben.
[jingle]
De Betere Docentenkamer! Met Bob en Rinus. Live vanuit de box.
[einde jingle]
Rinus: Vandaag weer een bijzondere uitzending.
Bob: Weer een bijzondere gast.
Rinus: Zeker. Want we hebben een fan in de uitzending.
Bob: Een fan van De Betere Docentenkamer. Dat gebeurt ook niet vaak.
Rinus: Nee, dat klopt eigenlijk wel.
Rens: Hij stond echt op nummer één in mijn Spotify-app.
Rinus: Ja, goed.
Bob: We hebben een fan en die wilde graag iets komen vertellen vandaag over onderwijs. Gelukkig wel. Maar over een bijzonder aspect van het onderwijs. Namelijk, hoe maken we impact tijdens het onderwijs? En Rens, kun je jezelf even voorstellen?
Rens: Zeker. Mijn naam is Rens Rietveld. Ik ben de domeinmanager van alle economische Associate degree-opleidingen bij de Rotterdam Academy. En daaronder valt ook bijvoorbeeld Crossmediale Communicatie of Event- en Experience-management en nog een aantal. En dat doe ik met heel veel plezier. En waar ik tegenaan ben gelopen als docent en als coördinator is dat ik vind dat het duurzaam onderwijs nog onderbelicht is. En daarom heb ik bedacht een aantal jaar geleden alweer om samen met wat collega’s vanuit het landelijk overlegplatform om ook eens na te denken over hoe kunnen we dat toch een betere plek gaan geven in ons curriculum en in ons onderwijs. En ben ik daar ook als manager mee aan de slag gegaan met de opleidingen waar ik de verantwoordelijke voor was. Zoals bijvoorbeeld met CMC heb ik daar het duurzaam…
Bob: Crossmediale Communicatie?
Rens: Sorry, Crossmediale Communicatie heb ik het certificaat duurzaam hoger onderwijs behaald. En zo wil ik dat eigenlijk verder gaan voortbrengen.
Bob: Je wilt alle opleidingen die onder jou vallen duurzaam certificaat maken?
Rens: Ja, daar zou ik naartoe willen werken.
Bob: Wat moet je daarvoor doen als er nu mensen luisteren die zeggen dat zou ik ook wel willen?
Rens: Wat je kunt doen als manager zijnde is gewoon een plan van aanpak maken om gecertificeerd te worden om het duurzaam hoger onderwijs certificaat te gaan behalen. Dat moet dan door middel van een visitatie worden gecheckt. En daarvoor kun je bijvoorbeeld bij Hobéon die kunnen laten langskomen. En dan gaan ze kijken of je dat inderdaad op een voldoende mate doet. En dan kan je daar een certificaat voor krijgen.
Rinus: Want Hobéon dat is een instelling die dan langskomt en die checkt van nou hebben jullie wel goede prullenbakken?
Rens: Ja, die doet de kwaliteitscontrole van de opleiding en die komen dan langs. Dat noemen ze een visitatie en dan komen ze kijken van hoe heb je die kwaliteit, die onderwijskwaliteit georganiseerd.
Bob: En op welke punten bekijken ze dat dan?
Rens: Dat is een framework. Dat staat ook op internet. Dat kan ik even niet uit mijn hoofd oplepelen, maar dat is op verschillende niveaus.
Bob: Maar kijken ze inderdaad op dat soort dingen?
Rens: Lesinhoud. Ze kijken op lesinhoud. Ze kijken ook inderdaad hoe heb je het georganiseerd fysiek in je locatie. Hoe doe je dat aan? Maar ook staat het in je strategie opgenomen? Neem je het ook mee in je werving en selectie? Dus eigenlijk op alle processen, zowel fysiek als organisatorisch, kijken ze naar hoe je duurzaam onderwijs hebt geïntegreerd.
Rinus: En ik denk dat we bij Crossmediale communicatie dus, zijn we bezig met die SDG’s, Social Development Goals.
Rens: Sustainable Development Goals.
Rinus: Ah, nu al gefaald. Maar in ieder geval, dat zit in ons onderwijs, dus daar kijken ze naar. Hoe is dat in het onderwijs verweven? En dat we ook dingen doen voor de Stichting Jarige Job. Is dat ook iets wat daar in meetelt?
Rens: Ja, dan ben je dus inderdaad op een van de SDG’s, bijvoorbeeld armoedebestrijding, ben je dan bezig om dat een plek in je onderwijs te geven. En daarmee voldoen je dan aan een van de criteria van de SDG’s.
Bob: Als ik aan het woord impact denk, dan kan dat alles zijn, wat mij betreft. Dus impact creëren bij studenten, dat je gewoon onderwijs aanbiedt waarbij zij denken, wow, daar heb ik echt iets aan, ik leer hier echt iets. Dan creëer je ook impact. Is dat ook iets wat je meeneemt? Of gaat dit echt impact over welke impact de studenten maken op de wereld?
Rens: Ja, we hebben dus een handreiking geschreven om dat proberen wat meer duidelijkheid aan te geven. En wat verstaan we daar dan onder? Wat is onze visie? En eigenlijk denken wij dat impactmakerschap eigenlijk een soort van een duurzame houding is. En een mindset is om positieve impact te hebben op de wereld. En op jezelf en op de mensen om je heen. Dus eigenlijk kan het heel breed gezien worden. Maar het moet wel bijdragen aan een mooiere wereld, om het zo maar te zeggen. Die handreiking hebben we geschreven met ook nog twee collega’s van Windesheim. Met Noortje Vechter en Carine Aalbers. En Meike van Prooijen van de Rotterdam Academy en ik hebben met z’n vieren het voortouw genomen om die handreiking te schrijven. Maar daarbij hebben we ook meteen gekeken naar hoe kunnen we nog meer mensen hierbij betrekken. En hebben we een waardengedreven alliantie opgericht. Om vanuit verschillende hogescholen ook allerlei input op te halen. Om daarin mee te denken en tot dit eindproduct te komen. Dus we hebben een kerngroepje waarmee we dit geschreven hebben. Met meerdere hogescholen die erbij betrokken zijn.
Bob: Ik zie een mooie handreiking, die heb je meegenomen. Daar zie ik inderdaad allerlei hogescholen staan. Hogeschool Utrecht, Fontys, Avans, Breda University, Stenden, Windesheim. Gaan zij dit allemaal doorvoeren? Of is dit allemaal voor hen te verkrijgen? Kunnen ze dit aanvragen ergens?
Rens: Eigenlijk hebben we al deze partijen. Die zitten bij ons in de waardig gedreven alliantie. Die meedenken over hoe kunnen we het onderwijs impactvoller maken. Dus die komen met voorbeelden. En die hebben het zelf al, ook hele mooie projecten draaien. En daarmee inspireren we elkaar. En proberen we ook met die mensen te kijken. Hoe gaan we dat binnen die instellingen dan ook verder vormgeven? Dus het zijn eigenlijk een beetje de ambassadeurs van impactmakerschap. Binnen die verschillende instellingen.
Rinus: Mooi. Wel een mooie streven sowieso, toch?
Simon: Daar is hij dan, de ‘mooi’ van Rinus (lacht). Dat is het einde van de podcast als-ie ‘mooi’ zegt.
Rens: Wat we in die handreiking ook hebben geprobeerd te doen. Op het AD-niveau hebben we vijf generieke leeruitkomsten. Die zijn heel algemeen beschreven. Dus wat is communiceren en wat is samenwerken. En wat we eigenlijk gedaan hebben in deze handreiking. Is om daar een verrijking op te schrijven die impact maakt. Dus die vijf algemene leeruitkomsten hebben we verrijkt. En in de hoop dat we daarmee dan ook in het onderwijs aan kunnen refereren. Om de leeruitkomsten in onze opleidingen ook te verrijken. En ook duurzamer te maken.
Bob: Kun je nou een concreet voorbeeld geven? Gewoon echt een heel simpel iets. Stel, ik ben docent en ik werk ergens. En ik zeg van nee, ik zou ook wel meer impact willen maken. Zeg eigenlijk iets kleins. Wat niet voor geld, waar je niet heel veel voorbij hoeft te halen. Waarvan je nu kan zeggen, een soort tool van. Maar dat kan je zo inzetten.
Rinus: De quick wins.
Bob: De quick wins, ja. Heb jij daar een voorbeeld van?
Rens: De quick wins. Oké, dat moet ik even goed nadenken. Want ik denk namelijk dat je impact maken al op heel klein niveau kan doen. Ik zag, en dat gebruik ik ook weleens in een van mijn presentaties. Dat er een keer een post was gemaakt van iemand die was in de supermarkt. En die zag dat er een andere supermarktganger de bananen los trok van de tros. Omdat hij had maar vier bananen nodig in plaats van de vijf die aan de tros zaten. En toen bleef er één banaan achter. En toen had hij daar een foto van gemaakt. En dan had die meneer aangesproken van, weet u nu dat u deze banaan een weesbanaan maakt. En dat die wordt weggegooid aan het eind van de dag. En dat had hij op LinkedIn gezet. En toen heb ik dat verhaaltje, dat was een beetje storytelling. Dat heb ik gebruikt in mijn presentatie. En toen heb ik dat gedeeld met die mensen. En toen kreeg ik later een appje terug. Dat iemand anders ook alle weesbananen had verzameld. Om daarmee de voedselverspilling tegen te gaan. En dus eigenlijk door zo’n voorbeeld te gebruiken. Is iemand anders ook zijn gedrag gaan veranderen. En heb je eigenlijk al positieve impact gemaakt door iets heel kleins. En dat is dan niet in het onderwijs als voorbeeld. Maar zo klein kan het zijn. En ik denk dat in de lessen kunnen wij natuurlijk ook onze opdrachten. Of onze casus of onze theorieën die we gebruiken in een lesuitwerking. Kunnen we natuurlijk ook koppelen aan de SDG’s. Dan kun je al heel klein zeggen van, nou ja goed, dit is een duurzaam project. Wat denk jij dat de manier van communicatie daarover, hoe dat is aangepakt. En welke campagne daarachter zit. Zo kun je natuurlijk met kleine, op kleine manieren kun je nudgen.
Bob: Nou goed, Rinus en Simon, jullie werken dan bij die opleiding die dat certificaat gekregen hebben.
Simon: Klopt, ja.
Bob: Doen jullie iets concreets in je les waarvan je zegt van. Oké, we moeten nu wel bewijzen, we hebben een certificaat gekregen. Dus we moeten nu bewijzen dat wij ook dat certificaat waard zijn. Dat moet je natuurlijk duurzaam kunnen inzetten. Simon, heb jij iets waarvan je in je les zegt. Daar hou ik rekening mee.
Simon: Ja, zeker. Wij werken heel veel met cases. Alles is bijna gebaseerd op cases. Dus we leggen niet gewoon theorieën uit, we passen alles toe op een case. En waar mogelijk maken we dat de case gericht is op een bedrijf dat niet per se een wetenschappelijk doel heeft. Maar een bepaald maatschappelijk doel.
Bob: Zoals?
Simon: Zoals Rinus al zei, in jaar twee organiseren studenten een event. Daarmee halen ze geld op voor jarige job. Kun je uitleggen voor de mensen die het niet kennen, wat is jarige job?
Simon: Dat is blijkbaar iets heel Hollandse. In Holland is je verjaardag vieren superbelangrijk. Elk kind dat zijn verjaardag niet kan vieren, dat is een schandaal.
Rinus: Want in België niet?
Simon: Nee, niet per se. Dat heeft mij geleerd door een intercultureel ding. Dat als een kind zijn of haar verjaardag niet kan vieren met de klas, dat het een moment van schaamte is. Maar het is best wel duur om je verjaardag te vieren met de hele klas.
Bob: Niet per se met de hele klas, maar op school trakteren.
Simon: Dat bedoel ik, dat trakteren.
Rens: Maar het gaat ook om cadeautjes.
Simon: Cadeautjes krijgen thuis en je verjaardag kunnen vieren. En jarige job zorgt daarvoor door dat te faciliteren.
Rinus: Voor mensen die het niet kunnen betalen. En dat is iets wat elke overheid zou zeggen, dat is een nice to have, dat is een leuk extraatje. Dat is niet belangrijk, maar dat is superbelangrijk voor het zelfbeeld van de kinderen. Dat zal altijd een goed doel zijn. De overheid zal dat nooit regelen. De overheid zal nooit cadeautjes kopen voor arme kinderen. Dus dat is een supergoede organisatie. En die ondersteunen we al jaren door onze studenten allemaal geld te laten inzamelen. En bij mijn eigen vakken waar ik zelf verantwoordelijk voor ben, bij Engels, probeer ik af en toe iets in te smokkelen met maatschappelijke impact. Dat lukt nog niet helemaal trouwens, maar ik blijf zoeken naar een goede vorm. En bij Beeld is er een project rond social impact. En we noemen het ook steeds meer impact. Rinus, heb jij voorbeelden van jouw cursussen?
Rinus: Nou ja, goed. We zijn natuurlijk ook bezig met de praktijkweek. Ik denk dat het daar het meest duidelijk is. Dus dat werken studenten in gemixte groepjes. Dus opleidingen… Interdisciplinair. Ja, interdisciplinair aan een case. En dat zijn ook altijd cases die gekoppeld zijn aan SDG’s. Dus die Sustainable Development Goals. Dus die cases zijn daar aan gekoppeld. Dus eigenlijk krijgen we cases van het bedrijfsleven. En die herschrijven we dan. Dus we hebben een probleemstelling en die herschrijven we dan, zodat het daaraan gekoppeld is. Zodat het duidelijker is, hier gaan we iets voor doen.
Bob: Maar als je zo’n case maakt voor bijvoorbeeld Stichting Jarige Job, dan kun je er toch al van uitgaan dat ze daar aan voldoen?
Rinus: Dat zou kunnen, ja. Zeker. Maar er zijn natuurlijk ook heel veel bedrijven… We hebben ook het havenbedrijf bijvoorbeeld van Rotterdam. Dus de verhuurder van de ruimte in de haven. We hebben een case gemaakt rondom de Groene Haven, zogezegd. Dus daar hebben we een case rondom geschreven.
Bob: En, want jullie organiseren die week. Is het ook zo dat als op een gegeven moment een Shell bij jullie komt… Nou, we hebben ook een casus, dat jullie dan zeggen van… Nee, sorry, maar met jullie gaan we niet in zee.
Rinus: Dat vind ik wel een goede vraag. Ik heb dat eerlijk gezegd ook al wel een beetje met het havenbedrijf. Want ik vind het best wel lastig. Die SDG’s zijn ook zo, dat je kunt eigenlijk niet iets ontwikkelen… als je daarbij een andere SDG kapot maakt. Dus dat je… Het is natuurlijk raar om iets te doen of iets te ontwikkelen… terwijl je een andere SDG schaadt.
Simon: Ja, Armoede is daar een voorbeeld van natuurlijk. Voedselzekerheid is in spanning met landgebruik. Want landbouw is tegenwoordig, zoals we landbouw doen… is exploitatief, is extractief. Dus je stoot heel veel CO2 uit en je verbruikt heel veel land. Dus je drukt op de biodiversiteit. Maar het zou heel simpel zijn om te zeggen… Als we meer mensen willen voeden, moeten we gewoon meer eten produceren. Maar dat zou heel slecht zijn voor de CO2-uitstoot en voor de biodiversiteit.
Bob: Ja, hetzelfde geldt natuurlijk. Je kunt wel elektrische auto’s maken of een energietransitie. Maar dat moet ook… Dat stoot ook weer andere dingen uit. Dus je bent altijd op zoek naar een balans. Maar het havenbedrijf vind jij nu al… Ik zeg van, nou ja, vind ik al lastig.
Rinus: Dat vind ik wel lastig, ja. Ze willen wel vergroenen. Ze willen wel verduurzamen.
Bob: Ja, zeggen ze. Ik bedoel, ik vind het ook een beetje raar… om nu heel erg over het havenbedrijf te gaan hebben. Want ik weet ook niet precies wat hun agenda is. Dat is ook niet, denk ik, aan mij als docent. Maar ik vind het sowieso… Het is superlastig om überhaupt iets te gaan maken… en als je dan heel bewust bent van die SDG’s… om niet een van die SDG’s te raken zonder dat je iets anders ontwikkelt. Dat is echt heel lastig om te doen. Eigenlijk, het beste wat je kunt doen is krimp. Dat is altijd een hele goeie. Maar dat is heel moeilijk om dat met een ander bedrijf… aan een bedrijf te verkopen.
Simon: Ja, maar op het moment dat je het havenbedrijf hier laat krimpen… dan gaan er ook banen kwijt. En dan gaat de armoede weer toenemen.
Rinus: De SDG over armoede gaat niet over de armoede in Nederland. Dat gaat over gelijke economische groei.
Bob: Dat vind ik wel apart dat je nu zegt… het gaat niet over armoede in Nederland. Dat hebben we net over Jarige Job gehad.
Rinus: Ja, vind ik ook.
Simon: Dit wordt nu eigenlijk weer een hele moeilijke discussie.
Bob: Ik ben altijd kritisch over dit soort dingen.
Simon: De oplossingen staan allemaal in dat document van Rens en Meike, toch.
Rens: Er staan niet alle oplossingen in, denk ik. Maar wat goed is om te beseffen is dat de SDG is een framework… wat je zou kunnen gebruiken om je onderwijs aan op te hangen… om van toegevoegde waarde te zijn. En dat dat misschien niet alle wereldproblematiek op gaat lossen… dat is prima. Dat gaan we denk ik ook niet doen in het onderwijs. Maar we gaan wel het bewustzijn bij de studenten daarmee stimuleren. Alle acties die we doen hebben consequenties… en probeer na te denken over wat zijn die dan. En daarin zeker ook bij bijvoorbeeld een communicatieopleiding… moet je goed nadenken van… ben ik nu bezig om ook daadwerkelijk van toegevoegde waarde te zijn… met mijn communicatie of ben ik aan het greenwashen. Dat moet natuurlijk bij de studenten, dat moet gaan leven. Dus daar moet je mee aan de slag gaan. En misschien is het niet altijd het perfecte wat we doen… maar in ieder geval is het wel een aanleiding om na te denken… en te reflecteren op van oké, wat heb ik gedaan… en is dat van toegevoegde waarde geweest… of zou ik het de volgende keer anders doen. En wat we eigenlijk proberen te bereiken… en zo hebben we dat ook in die handreiking uitgelegd… is dat je aan de ene kant in het onderwijs… wil je handelingsperspectieven bieden aan studenten… door bijvoorbeeld een praktijkopdracht aan te bieden… waar ze aan een SDG werken. En dan zeg je van nu kan je wat doen om de wereld wat mooier te maken. Dus je werkt aan een SDG. Dat faciliteren wij vanuit de opleiding… en dat stimuleren we ze om ze daarmee aan de slag te zetten. Maar aan de andere kant gebeurt er dan ook iets… en dat is dat je ook de persoonlijke groei van de studenten… te stimuleren op dat vlak. En dus dat impactmakerschap ook echt eigen te maken. En dan gaan ze dat internaliseren. En dan als ze dat gaan voelen en gaan ervaren… dan gaan ze dat ook manifesteren… en dan gaan ze daar ook vorm aan geven en een uiting aan geven. Dus dan gaan ze dat in hun eigen leven ook weer… ja, er verder mee aan de slag. En als wij dan weer in het onderwijs daar weer ruimte voor geven… om dat te faciliteren, die groei… dan gaan ze dat dus zelf in hun eigen ontwikkeling ook weer verder maken. Dus als je dat loepje steeds maar door blijft lopen… kun je daarmee dat impactmakerschap… en eigenlijk de cirkel van invloed vergroten bij alle studenten… en hopelijk ook als ze straks het werkveld gaan betreden… dan gaan ze ook met die mindset en met die kennis over duurzaamheid… en over positieve impact maken… gaan ze proberen de wereld te verbeteren. En dat kan hele kleine stapjes zijn. Misschien bij sommige studenten ontspringt dat eigenlijk nog eenmaal niet eens… maar komt dat pas later, dat kan ook. Maar dan hebben wij in ieder geval binnen het onderwijs wel ons best gedaan… om in ieder geval die zaadjes te planten. En ik denk dat dat belangrijk is.
Bob: Je hebt nu dat certificaat gehaald. Is dat een dingetje wat je op je deur hangt en dat blijft? Of wordt je eens in zoveel tijd wordt je daarop gecheckt van… hé, doen jullie dat nog steeds?
Rens: Ja, dat certificaat is eigenlijk drie jaar geldig. Maar dat hebben wij niet behaald om het op onze website te zetten… en te laten zien van kijk eens hoe goed we zijn, borstklopperij. Maar dat is eigenlijk meer bedoeld geweest om aan onszelf te laten zien… van kijk eens wat we allemaal al doen en hoe goed dat is wat we doen. En waar kunnen we misschien nog beter in worden. Want we zijn er nog niet helemaal.
Bob: Want je hebt ook feedback gekregen vanuit van… hier kun je nog… Is er iets nog waar jullie aan willen werken? Of waar je aan wil werken aan de hand van die feedback?
Rens: Zeker, je krijgt dat certificaat eigenlijk… er zijn verschillende niveaus. En wij hebben nu het niveau drie certificaat gekregen. En dat betekent dat wij het eigenlijk structureel in onze opleiding hebben geborgd… dat we duurzaam onderwijs aanbieden. Maar we kunnen ook naar niveau vijf. Alleen dat vergt weer wat meer van onze organisatie… en van hoe we daarmee omgaan. Bijvoorbeeld dat we daar ook echt daadwerkelijk… in strategische partners gaan meenemen in ons onderwijs. Zodat wij onze strategische partners ook gaan verduurzamen. Dus dan ga je het eigenlijk nog groter maken… dan alleen maar binnen je eigen opleiding. Daar zijn we wel mee bezig. En we proberen ook echt strategische partners te betrekken… om daarmee aan de slag te gaan. Maar dat is natuurlijk nog wel een stap die we moeten…
Bob: En zijn er binnen Nederland opleidingen die dit al doen?
Rens: Niveau vijf zijn er volgens mij nog geen opleidingen specifiek voor gecertificeerd. Maar dat weet ik niet zeker. Dat zou ik even moeten checken. In ieder geval nog geen AD-opleidingen.
Bob: En heb je dan nog dat je zegt… dat jullie samenwerken als die opleidingen zijn? Of blijven het toch wel eilanden die het voor zichzelf uitzoeken? Wat ik nu heb gedaan is…
Rens: Ik heb het nu met één opleiding dat certificaat behaald. Maar hoe tof zou het zijn als we met het hele economisch domein… gewoon met z’n allen dat op één manier kunnen aantonen… zodat we meteen voor alle opleidingen dit certificaat kunnen gaan behalen. Dat is wel mijn volgende stap.
Rinus: Want wat is er mis met die andere opleidingen… dat die dat certificaat nog niet hebben eigenlijk?
Rens: Daar hoeft helemaal niks mee mis te zijn. Maar die hebben nog nooit de visitatie hiervoor gedaan. Maar misschien moeten zij het ook nog eens even goed in kaart gaan brengen. Wat doen we dan al wel? En op welke manier doen we dat dan? En zouden ze daar ook voor in aanmerking kunnen komen. Dus er zijn al zeker opleidingen die al heel goed bezig zijn. En als ze gevisiteerd zouden worden… weet ik zeker dat die ook een certificaat gaan behalen. Alleen sommige nog wel wat minder. En daar denk ik ook dat de docenten daar ook nog minder mee bezig zijn.
Rens: Dus bijvoorbeeld één van de opleidingen is misschien ook Ondernemen. Ja, dan zou het zomaar kunnen zijn dat er een student toch nog wegkomt… met het afstuderen waarbij die met dropshipping aan de slag gaat. Ja, misschien zouden we dan moeten nadenken over van… ja, willen we dat dan nog wel? Of is dat geen duurzame manier van ondernemen?
Rinus: Want dan zeg je eigenlijk… als een student dat certificaat heeft, die opleiding… dan zou een student daar niet mee weg kunnen komen. Dus dropshipping is dat je iets ergens koopt… en dan verscheept en dan ergens weer verkoopt, toch?
Rens: Ja, precies.
Rinus: Dus eigenlijk niks…
Rens: Waarin dat hele proces… Nee, waar heel veel uitbuiting is van arbeid en van mensen. En ik zeg niet dat we dat dan helemaal niet meer moeten toestaan… maar dat we daar dus veel meer aandacht voor hebben… en het gesprek overvoeren en ze op laten reflecteren. En dus dat je daar gewoon…
Rinus: Want waarom zou je dat… Wat is een argument om dat wel te houden? Dat dropshipping, zeg maar. Dus die slechte… Even kort door de bocht. Dat is een slechte manier van ondernemen, denk ik? Of geen duurzame manier van ondernemen?
Rens: Ja, ik denk dat laatste zeker, ja. Waarom zou je dat überhaupt nog willen toestaan?
Simon: Wel, oh, pas op. Het is niet zo dat bij onze opleiding… Crossmediale Communicatie… studenten niet mogen kiezen waar ze afstuderen.
Bob: Ja, dat is waar.
Simon: Ze mogen wel kiezen. We vragen wel om een check te doen… of het bedrijf bezig is met duurzaamheid. Maar dan is het vervolgens zoals het is. Dus ze maken zich wel bewust. Maar ze mogen wel zelf kiezen waar ze afstuderen. En bij ondernemers is het nog anders. Want dan moeten ze afstuderen met hun eigen… Eigen bedrijf, eigen onderneming. En dus bepalen ze volledig zelf het kader. Dus ik snap het spanningsveld daarvan. Welke ideeën laat je dan toe? Maar in principe moet je alles toestaan… want dat mogen ze zelf kiezen. Alleen, dat spant heel erg, denk ik. Dat als dan de helft van de klas gaat dropshippen… en dus enkel de marketing van een product doet… en eigenlijk zelfs niks maakt of verzint… of helemaal geen behoefte van een klant oplost.
Rens: En dit is maar één voorbeeld bij ondernemen. Maar zo zijn er bij verschillende opleidingen… ook deze situatie aan de hand. Bijvoorbeeld bij eventmanagement. Wil je dan de Formule 1 organiseren… omdat het met evenementen te maken heeft? Of moeten we dan ook nadenken over… willen we dat als een strategische partner gaan gebruiken? Of laten we die aan ons voorbij gaan… en gaan we ons ergens anders op focussen?
Simon: Je had wel een goed voorbeeld onlangs. Vertel je mij wat waarschijnlijk een strategische partner wordt… dan van die event- en experience-management-opleiding? Welke strategische partner was dat? Waar studenten in de wijk iets gingen doen?
Rens: Ja, dat is bijvoorbeeld bij de opleiding… event- en experience-management. Daar moeten ze in het tweede jaar… samenwerken met de gemeente Rotterdam. En dan krijgt iedere klas één deelgemeente… een deelwijk als opdrachtgever. Waar ze dan ook een positieve impact moeten maken. En dan moeten ze dus een interventie… of een evenement organiseren die duurzaam… dus ook op de langere termijn duurzaam… In die wijk wordt… Ja, in de wijk wordt neergezet… waar positieve resultaten uit komen. En dan moet je denken aan dat bijvoorbeeld… de jongeren met de ouderen in contact komen… om meer begrip te hebben voor elkaar. Of dat er het wildplassen in een bepaalde wijk wordt tegengegaan. Of allerlei van dat soort opdrachten. Om daar dan mee aan de slag te gaan… en interventies voor te bedenken… die bijdragen aan het mooie maken… en het verbeteren van de leefbaarheid in die wijk.
Simon: En dit gaan ze dan elk jaar doen?
Rens: Ja, dit doen ze ieder jaar. En steeds meer wijken denken… dit vinden wij ook interessant, we willen ook meedoen. En daar betrekken we dan ook de wijkregisseurs bij. En de mensen in de wijk worden gevraagd… waar loop je tegenaan? Dus daarin wordt echt met alle stakeholders… onderzoek gedaan naar mogelijke verbeteringen in die wijk.
Simon: Voor mij is dat echt de heilige graal. Want wat ik eerlijk zei, het is wel makkelijk om cases te regelen. Zeker in Rotterdam, om met bedrijven samen te werken. Maar dat blijft incidenteel als zij iets komen brengen of halen. En het is pas strategisch als je elk jaar opnieuw… zowel komt halen als brengen. Maar dat is moeilijk te organiseren. Want elk jaar moet je dan genoeg studenten hebben… die op niveau kunnen werken, die iets verschil kunnen maken. En omgekeerd moet die partner zeker volgend jaar weer paraat staan. En dan kom je aan dat niveau vijf, denk ik… als je dat consequent kan organiseren. Maar het vraagt veel van het job van een docent. Want je moet een soort accountmanager zijn. En je moet een gedeelde waardenalliantie creëren… met elke aspect van je school. Dus ik ben daar op een positieve manier jaloers op. Omdat dat bij de andere opleidingen… dat er een voorbeeld van is, zo dichtbij. Ik denk dat het echt wel een doel is om dat nog meer te doen. Bij de praktijkweek doen we dat wel. Elk jaar werken we met dezelfde. Maar het is nog incidenteel. Dat we jarenlang samen in zee gaan. En dat is wel nodig voor dat ultieme punt van… de school maakt het verschil in de omgeving.
Rinus: Ja, en inderdaad, dat punt van greenwashing… dat voel ik ook heel erg. Dat ligt heel erg op de loer. Als je met dit soort dingen bezig bent… dat je heel erg snel… als je dan even goed kritisch gaat kijken… wat hebben we nou precies gedaan? Als je dan heel eerlijk bent… dan ben je toch wel vaak met praktijkcases. Ik ben wel voor praktijkcases hoor. Dus dat je met het bedrijfsleven samenwerkt… en met de praktijk. Het is heel moeilijk dat je niet aan het greenwashen bent.
Simon: Sommige mensen zullen het doen voor de LinkedIn-post. Dus daar moet je wel rekening mee houden.
Rens: Ik denk dat het dan dus ook vergt van studenten… om te reflecteren op wat doet het nou met me? En hoe voel ik me daarbij? En dat ze gaan leren varen op hun innerlijke kompas… om de juiste keuzes te gaan maken. En dat zal misschien wel eens een keertje… dat je achteraf denkt… dat had ik misschien niet moeten doen. Of dat voelt toch niet helemaal goed. En de volgende keer zou ik het anders doen. Maar dan ga je dus eigenlijk naar dat persoonlijke… van dat eigen kompas.
Bob: Maar bedoel je met greenwashing… dat bedrijven de hogeschool gebruikt… zodat ze naar buiten toe kunnen laten zien… ik ben heel maatschappelijk bezig… want ik zet studenten aan het werk.
Rinus: Ik bedoel eigenlijk ook gewoon dat als je aan een case werkt… om iets te vergroenen bijvoorbeeld… dat het heel snel iets kan zijn wat je een beetje doet. En dat je het dan wel iets verbeterd hebt of zo. Maar dat het bedrijf hele andere belangen heeft.
Bob: Ja, maar bedrijven hebben het ook een belang… dat ze kunnen zeggen van… kijk eens, wij doen dingen met studenten. Dus wij helpen het onderwijs. Dus dan hebben ze ook weer een vink gezet.
Simon: Ja, op beide manieren. En dat is een typisch… en dat kunnen wij niet aan doen. Vooral de olie-industrie heeft dat bedacht. Die zijn daar echt heel erg goed in.
Bob: Ik heb een vraag. We hebben tijd geleden, ik kan me herinneren… hebben we een keer een uitzending gemaakt… of een aflevering over betekeniseconomie. Wat maakt dit nou anders dan wat we toen over hadden?
Rinus: Volgens mij is betekeniseconomie een idee, een concept… waar je wat houvast kan geven om naar de toekomst te kijken. En volgens mij zijn dit hele concrete uitwerkingen daarvan. Dus het heeft zeker wel met elkaar te maken, denk ik.
Rens: Dit komt daar ook echt wel vandaan. Betekeniseconomie gaat natuurlijk ook over… hoe kan ik zingeving vinden in hetgeen wat ik doe… en ook in onze economische systemen. En daar is dit ook wel een uitwerking van. Op welke manier kunnen we voor de studenten… ook die zingeving tastbaar maken? En welke activiteiten kunnen we ze dan laten doen… om ook te gaan ervaren van… ik doe ertoe of ik heb iets gedaan wat bij heeft gedragen… en niet alleen maar economisch gewin heeft bewerkstelligd… maar ook gewoon iets goeds heeft gedaan voor andere mensen… of de omgeving.
Simon: Ja, en het is ook een ander ding dat ik vorig jaar ontdekt heb. Weet je nog die uitzending over de IDG’s? Toen ik naar de conferentie in Stockholm was. Inner Development Goals. Ja, raad eens met wie ik daar was. Met deze man. Dus Rens en ik waren daar samen. En daar hebben wij beide ontdekt dat IDG’s… best wel een soort van corporate event waren… maar dan corporate voor mensen die iets anders wilden doen. En in de hogeschool en het algemeen in Nederland… merk ik dat de mensen die bezig zijn met duurzaamheid… komen vaak uit economische opleidingen. Kees Klomp bijvoorbeeld, maar ook twee lectoren… die we vorig jaar gefilmd hebben voor de praktijkweek. Frank Berkers heeft onlangs een rede gehouden… en Marcel Splinter. En om een of andere reden zijn het die kennisgebieden… waar het eerste botst waarschijnlijk met wat je vertelt voor de klas… en wat er in de werkelijke wereld gaande is, denk ik. En dus zij zijn de eerste, het zijn intellectuele mensen… die dan zich naar hun waarden anders moeten gedragen. Dus Kees Klomp is ook opgeleid als…
Bob: Marketing.
Simon: Marketing, econoom. En hij is de eerste die een vraag gaat stellen. En wij komen uit andere opleidingen of vakgebieden. En voor ons is het eigenlijk wel lastiger om de juiste framework te vinden. Maar die SDG’s hebben dat wel opgelost. Maar toch merk je dat er een heel groot invloed is… van wie is er bezig met duurzaamheid in het onderwijs. Ja, de business schools, gek genoeg. Maar we mogen niet achterblijven, vind ik. Want ook als communicatieopleiding…
Rens: Technische opleidingen doen dat er ook wel mee. Ik roep nu zomaar wat.
Simon: Het andere is dat ze dan op een technische manier… en de nieuwe oplossingen. Maar dat verinnerlijken… of dat kijken naar hoe je je eigen handelingsperspectief kan vernieuwen. Dat is een discours dat eigenlijk bij die business schools ontwikkeld is. En Rens zijn uitspraak is dat hij dat omgezet heeft… naar wat dat voor ons zou kunnen betekenen.
Bob: Dan heb ik gelijk een vraag aan Rens. Ik kan me voorstellen dat als je dit helemaal in het onderwijs wil… een soort van eigen wil maken… dat je ook docentenopleidingen daar heel erg in betrekt. Heb jij een idee van hoe daar deze vlag bij hangt? Want ja, dat zijn dan wel de ambassadeurs.
Rens: Ik denk dat er ook binnen die opleidingen vast wel nagedacht wordt… over hoe kunnen we het onderwijs verduurzamen. Ik denk dat dat echt nog wel in de kinderschoenen staat… en nog heel veel meer aandacht zou mogen krijgen. Ook als je ziet hoe het economisch onderwijs… in ieder geval bij mijn dochters nog steeds wordt gepredikt… denk ik dat daar nog veel ruimte voor verbetering is. Maar waar ik me afgelopen jaren op heb gefocust… is heel erg op dat Associate degree onderwijs. Dat is dat tweejarig hbo-onderwijs. En daarin hebben we niet echt lerarenopleidingen. Dus ik ben me echt gaan focussen op welke tweejarige economische opleidingen… of zorg- en welzijnsopleidingen of technische opleidingen… vinden dit ook een belangrijk onderwerp… en zouden mee willen denken om dat verder vorm te geven… voor ons niveau vijf onderwijs. Dus ik ben niet zo heel erg bezig geweest met de lerarenopleidingen.
Bob: Maar ik dacht, misschien heb je daar wel zicht op.
Rens: Ik denk dat die hier net zoveel mee uit de voeten kunnen. Dus die handreiking zou je net zo goed op het bachelorniveau… kunnen plotten en ook voor de lerarenopleidingen kunnen uitdenken… van hoe kunnen we dat toch meer een plek geven. En om nog even aan te sluiten bij wat er net werd gezegd over de IDG’s… dat zijn de inner development goals. Als we in het onderwijs voor de praktijkopdrachten… onze focus richten op de SDG’s… dus we gaan werken aan de SDG’s met de opdrachten die we doen… dan zou je in de coachlijn of in de persoonlijke ontwikkellijn… die meestal ook binnen de opleidingen wordt aangeboden… zou je ook de nadruk wat meer kunnen leggen op het framework van de IDG’s… en daarop kunnen reflecteren van wat doet het dan met jouw zijn… en met jouw handelen en met jouw denken. Want die IDG’s, dat gaat over lef tonen, kritisch nadenken.
Simon: Ja, de complexiteit omarmen, samenwerken. Want als je de complexiteit van een probleem inziet… dan denk je, dat kan ik helemaal niet oplossen. En dan is samenwerken belangrijk. Die zijn eigenlijk de houdingen, wel niet het gedrag, maar…
Rens: Het gaat over zijn, denken, verbinden, samenwerken en handelen. Op al die vlakken zou je duurzaam ontwikkeling… of je persoonlijkheid willen bewerkstelligen. En er zijn dan allemaal competenties voor bedacht die daaraan bijdragen.
Rinus: Het is echt ook wel voor onderwijs, toch?
Simon: Ja, dat is het grappige. Het is heel makkelijk om op basis daarvan leerdoelen te formuleren. En dat is wat bij onze opleiding gebeurd is. Heel veel van de leerdoelen zijn, als je het goed leest, duurzame leerdoelen. Want ze gaan over dingen die studenten kunnen laten zien.
Bob: Rens, jij hebt dit mooie boekje geschreven. Jij wilt dit echt veranderen binnen het onderwijs. Verandering brengt ook altijd weerstand met zich mee. Tegen welke dingen loop jij aan?
Rens: Het valt wel mee eigenlijk. Ik denk, op het moment dat ik hierover praat… en ik ben er best enthousiast en passievol over… zie ik vaak knikkende gezichten. Mensen denken, dat vind ik eigenlijk ook wel. En ik denk ook zeker in het onderwijsland. De docenten zijn natuurlijk allemaal het onderwijs ingegaan… omdat ze ook van betekenis willen zijn… en iets willen toevoegen aan de maatschappij… en iets willen achterlaten misschien voor andere generaties. Dus die zijn allemaal al best wel heel erg betrokken, denk ik, ook met dit onderwerp. Dus ik moet zeggen, dat ik niet heel veel tegengas krijg… en zeggen van, nee, nee, ik wil toch liever wel… gewoon greenwashing en dropshipping faciliteren. Iedereen is het hier best wel mee eens. Alleen de vraag is, op welke manier moet ik dat dan doen? En daar proberen we met z’n allen wat meer handvatten voor te bedenken en te geven. En te laten zien dat er al zoveel is en dat we al zoveel doen. Alleen, ja, misschien weten we het niet van elkaar… en kunnen we door samen op te trekken… meer slagkracht krijgen en het beter op de kaart zetten. En mensen inspireren om er ook meer mee aan de slag te gaan.
Bob: Maar, zijn er nog andere dingen waar je zegt van… We hebben meer inzet nodig, we hebben meer commitment nodig… vanuit bepaalde groeperingen.
Rens: Nou, dat is een goede vraag. Ja, dat denk ik wel. Want het werkveld, die vindt het allemaal misschien wel interessant… maar als het toch wat te veel geld gaat kosten om te vergroenen… of te verduurzamen of dingen te doen, dan wordt het alweer een moeilijk verhaal. Dus eigenlijk is de uitdaging die wij hebben van… hoe krijgen we nou het werkveld en het bedrijfsleven waar we voor opleiden… hoe krijgen we die nou ook mee? Want wij kunnen het wel verzinnen en we kunnen de studenten daarvoor opleiden… maar als die straks heel erg tegengewerkt gaan worden in het werkveld… dan is dat natuurlijk wel lastig. Dus ja, dat is nog wel een uitdaging. Hoe gaan we die nou meekrijgen? Of wat ook nog een uitdaging is, hoe maken we nou meetbaar… welke impact we expliciet hebben gemaakt, zeg maar?
Bob: Dat was één van mijn vragen hierna. En dat is natuurlijk moeilijk te meten. Hoe meet je impact? Die had ik ook op de ingezet.
Rens: Wat bijvoorbeeld wel een leuk voorbeeld daarvan is… is dat bij de Avans, de Adexpress noemen ze dat… en daar hebben ze de opdracht in de school gekregen om ook evenementen te organiseren… met als doel om zoveel mogelijk smiles op te halen. Dus dat betekent dat er een glimlach op het gezicht van een persoon moet verschijnen. En daarin krijgen ze de opdracht om per projectgroepje 500 smiles te realiseren. Dus dat betekent dat ze activiteiten moeten gaan organiseren… waarbij 500 mensen een glimlach op het gezicht getoond wordt. Daarmee maken ze al impact. Dus het hoeft niet altijd tastbaar te zijn in geld of in hele… Nieuwe bomen of cijfers of data. Maar ik denk dat impact op heel veel verschillende manieren gemaakt kan worden… en dat het niet ook altijd heel erg meetbaar is. Dat moeten we dan accepteren. Ja, cool.
Bob: Maar je weet ook dat vanuit bedrijfsleven en vanuit allerlei hogere mensen… ja, maar ja, wat levert het mij dan op? Of wat levert het dan uiteindelijk op? Dan ga je toch naar een soort meetinstrument toe moeten gaan… dat je in ieder geval kan aantonen… ja, maar er zijn zoveel studenten die hebben dit…
Rens: Ik denk dat ik daar het antwoord gewoon niet op heb. Waarom gaan we dat doen? Maar wat ik wel denk is dat mijn doel is… om studenten gewoon het besef van… het belang van impactvol handelen en denken en doen mee te geven… zodat ze de wereld gewoon wat mooier kunnen maken. Dus dat hoeft voor mij niet meetbaar te zijn… of dat dat per se in het bedrijfsleven aantoonbaar is. Als ze maar een mindset meekrijgen en een houding meekrijgen… dat de dingen die ze doen… dat het ook van betekenis is en toegevoegde waarde heeft. En dat als ze denken van ik moet iets doen wat daar tegenin druist… ja, dan doe ik het liever niet. Of dan past deze organisatie misschien niet bij mij… of dan ga ik proberen dingen te veranderen in die organisatie… zodat het wel bij me past. Dus ik ben veel meer op zoek naar… hoe kunnen we de studenten daarin meenemen.
Bob: Hé, en ik ken studenten een beetje. Het is natuurlijk ook wel zo dat op het moment dat zij… aan alle kanten worden overspoeld met dit soort opdrachten… dat ze daar ook een beetje immuun voor worden. Of dat ze misschien recalcitrant daarvan kunnen worden. Ja, dan moet ik weer vijf van die SDG’s aftikken… en dan moet ik weer op reflecteren tijdens mijn project. Hoe kun je dat spannend houden, zeg maar?
Rens: Ja, dat is een mooie vraag en een mooie uitdaging… denk ik voor de onderwijsteams om daar ook over na te denken. Om ervoor te zorgen dat je wel… denk ik met verschillende opdrachten aan de slag gaat. Misschien hoef ik… zeker snap ik het. En misschien moet je het ook niet altijd zo benoemen. Maar ga je gewoon een opdracht doen bij de haven… waarbij er gewoon na wordt gedacht over… hoe kunnen we dingen verduurzamen of anders inrichten. En moet je het misschien helemaal niet uitspreken… dat je met de SDG’s of met de IDG’s aan de slag bent. Maar doe je het wel en ben je ze wel een beetje aan het nudgen. Ja, en ik vind het ook niet erg als er een student… en die hoorde ik pas geleden in een interview zeggen… dat hij vond dat de opleiding CMC… soms wel een beetje als een GroenLinks-opleiding aanvoelde. Nou ja, als dat het is en die student heeft dat zo ervaren… dan denk ik, nou ja, prima, dat kan. En dat vind ik oké. Ik denk ook niet dat alle studenten als wereldverbeteraars… met een diploma op zakken de deuren van ons instituut uitlopen. Maar ik denk wel dat we een zaadje hebben kunnen planten. En bij sommigen komt die al uit, is die al uitgekomen… of bij sommigen komt dat later en bij sommigen komt dat niet. En dat is oké.
Rinus: Ja, want dat is ook wel… Het is natuurlijk ook… Het is niet politiek volgens mij, maar dat is het. Dat zou je wel zo kunnen framen, hè? Dit is politiek.
Bob: Ja, maar het kan voor studenten wel zo voelen, natuurlijk.
Rinus: Ja. Vind je dat je daar rekening mee moet houden dan? Wat vind jij?
Bob: Kijk, wat één student vindt, vind ik niet zo relevant. Want er zijn ook studenten die jou heel vervelend vinden. Er zijn studenten die mij heel vervelend vinden. Dat vind ik niet zo relevant. Maar als dat de algehele tendens wordt van… Weet je, het wordt nu wel echt… Ze zitten nu echt wel met een soort trechter in ons strot gieten. Dan moet je ook eens wat Rens zegt… moet je je ook eens af gaan vragen… maar moet je het altijd zo benoemen. Of moet het de ene keer over armoede gaan… en dan moet het de andere keer over duurzaamheid gaan… en moet het de andere keer over één van de andere
Bob:
Rinus: SDG’s gaan. Daar zit natuurlijk best wel een spreiding in… die je voor jezelf kan vinden. Ik denk dat je dan daar heel goed naar zou moeten kijken. Dus dat het niet per se altijd over… Ja, dat het niet altijd maar over…
Rinus: Een verborgen agenda.
Bob: Ja, en er zijn natuurlijk ook docenten… die altijd hun eigen stokpaardjes naar voren willen brengen. Die hebben dan één ding. Ik denk dat daar wel een balans in gezocht moet worden.
Simon: Wat ik wel gek vind is dat het als politiek beschouwd wordt… maar op een bepaald moment kan ik me voorstellen dat de overheid het oplegt. Want ik was eigenlijk verrast dat het nog niet zo was. En Rens kent al die dingen natuurlijk… maar bij accreditatie die we onlangs gehad hebben… ging het plots heel erg over internationalisering. Want toen herinner ik me… O ja, dat is opgelegd vanuit de overheid… dat elke hbo-opleiding inzet op internationalisering. Want de Nederlandse overheid wil dat heel erg. En wij waren daar al mee bezig. Bij onze opleiding. Omdat dat leuk is en omdat we dat interessant vinden. Niet per se. Ik was er niet bewust mee bezig. Omdat dat moest of zo. Dus ik dacht, o ja, en duurzaamheid. Het certificaat stond in beeld. Is dat ook? Nee, dat is helemaal geen eis vanuit de N-VAO. En dan denk ik, dat zou toch ook wel moeten? Of dat zal wel komen? Wat denk jij, Rens?
Rens: Nou, daar zijn we ook met de handreiking in onze achterzak… zijn we naar de N-VAO gegaan. En daarna hebben we een gesprek gehad met een beleidsmedewerker. Die ook invloed heeft op de standaarden… die dan beoordeeld gaan worden. En waarop bevraagd gaat worden tijdens de felicitaties. Toen hebben we gevraagd, zouden we dit niet als onderwerp… ook in die standaarden kunnen opnemen? Dat er altijd gevraagd wordt over… wat doe je op het gebied van duurzaamheid? Nee, dat valt wel onder je leeromgeving. Maar in plaats van vragen naar internationalisering… was er ook van, wat doe je om duurzaam onderwijs vorm te geven? En die wisten we ook heel duidelijk en netjes aan te geven. Ja, maar wij gaan helemaal niet over de inhoud… van wat er bevraagd moet worden. Dus wij kunnen dit zelf niet aanpassen. Als dit belangrijk genoeg wordt gezien door het werkveld… dan zou het vanuit de brancheverenigingen moeten komen… dat je je daartoe moet verantwoorden of verhouden. Of de minister van Onderwijs moet aangeven… dat hij vindt dat dit zo belangrijk is voor het onderwijs… dat dat als een aspect wordt opgenomen. En dan moet het vanuit het ministerie worden aangedragen… om op te nemen in die standaarden.
Simon: Dus het is sowieso politiek. De keuze of het erin zit of niet, is al een politieke keuze. Zoals bij internationalisering is het politieke keuze geweest… dat het erin zit.
Bob: Je kan natuurlijk als opleiding zelf er ook voor kiezen… op het moment dat je een visitatie hebt. Dat je zegt van, oké, we gaan onze leeromgeving gaan. Ik heb een aantal van die ZER-dingen geschreven, zeg maar. Dat is zelf-informatierapport. Nou, dat staat, daar ga je per standaard… vertel je dus van, dit doen we aan dit. We hebben een soort formatje wat we dan gebruiken. Maar daar zou je dus ook alles vanuit jezelf aan toe kunnen voegen. Luister eens, maar wij zijn ook nog eens… op die en die en die en die gebieden… doen we ook nog dit en dit en dit. Dus volgens mij is het ook je eigen keuze.
Simon: Ja, maar je bepaalt zelf niet het beoordelingsformat… van je accreditatie.
Bob: Maar zeker mag je dit er wel gewoon aan toevoegen.
Simon: Ja, want het was een leuke extra.
Bob: Als jij dit belangrijk vindt, dan… En dan steeds meer mensen dat gaan doen. Dus het moet ook eigenlijk wat erop moet komen.
Rens: Nou, dat is ook precies waarom we deze handreiking… op deze manier hebben geschreven met mensen… eigenlijk vanuit het onderwijs zelf. We gaan niet wachten op de regering… tot om ons op te leggen… om ons op duurzaam onderwijs te gaan verhouden. Maar wij gaan het gewoon doen. En we gaan laten zien wat er al gebeurt. En we gaan elkaar helpen met handvatten… of met mooie best practices… om dat vorm te geven in ons onderwijs. En we gaan ons daar toe verhouden… omdat wij dat belangrijk vinden… en dat willen meegeven aan onze studenten. En ik denk dat als het vanuit de onderkant groeit… dat dat misschien steeds verder wordt geborgd… in onderwijssystemen.
Rinus: Het is wel echt raar dat dat niet gewoon standaard erin zit. Dat is heel raar, toch?
Simon: Eigenlijk is dat misschien omdat jij het al gewend bent… dat we daarmee bezig zijn. Maar vijf jaar geleden was duurzaamheid gewoon niet standaard. Zes, zeven jaar geleden. Was dat gewoon niet standaard een ding waar je… Ik draai me gewoon mijn cursus… en dan doen andere mensen wel iets met duurzaamheid. Zou iets bijna zijn dat je extern inroept… zoals bijvoorbeeld inclusie is nu vaak nog een extern verhaal. Dus het was pas recent dat we naar ons getrokken hebben… en door figuren zoals Rens en Okke… die dat op de agenda gezet hebben, toch? Dus na tijd wendt het zo snel dat je denkt… natuurlijk is het deel van onze visitatie. Maar nope, dat was helemaal geen punt… waar we niet op beoordeeld waren. We hadden snel gedacht dat we daar op beoordeeld zouden worden… maar dat is niet zo, ja.
Bob: Ik heb nog één laatste vraag wat mij betreft. Op het einde, als je nu naar je omgeving kijkt… naar de school waar je nu werkt of de omgeving waar je nu werkt… kun je één ding zeggen van… maar dat moeten we echt nog veranderen… want daar zijn we nog gewoon niet goed genoeg mee… duurzaam genoeg mee. Concreet dingetje.
Rens: Eén concreet dingetje is wat we in de handreiking ook beschrijven… is dat je je leeromgeving ook moet inrichten… om duurzaam onderwijs mogelijk te maken. En als ik dan kijk naar in wat voor gebouw zitten we… en hoe ziet dat eruit… dan is dat soms niet super inspirerend, niet creatief… en ook niet heel groen. Weinig planten, weinig begroeiing.
Bob: O, echt letterlijk groen.
Rens: Letterlijk groen. Dat zorgt namelijk bij studenten voor een prettiger gevoel… meer concentratie, meer inspiratie. Ik denk dat als wij onze leeromgeving ook daadwerkelijk fysiek… op een andere manier zouden inrichten…
Bob: Een jungletje maken.
Rens: Nou, dat we daarmee ook inderdaad de creativiteit en de… Ja, dat we studenten ook daarmee kunnen stimuleren… om duurzamere oplossingen te bedenken… en creatiever te zijn daarin.
Rinus: Goed idee. Rens, ik heb ook nog een beetje afgezaagde vraag… maar ik ga het toch stellen. Over vijf jaar. Dit doen we bij studenten, dat deden we vroeger ook heel vaak… en dan begonnen ze ook altijd te zuchten en te steunen. Maar over vijf jaar, hoe ziet het er dan uit? De ideale situatie, het onderwijs. Hoe zou het er voor jou uitzien?
Rens: Nou, ik ben blij met deze vraag… want ik dacht dat je zou gaan vragen… eet je zelf ook nog weleens vlees? Of vlieg je nog weleens? Of dat soort zaken. Maar gelukkig hoef ik die vraag niet te beantwoorden. Over vijf jaar denk ik dat het onderwijs… er nog grotendeels best wel hetzelfde uitziet. Ik hoop alleen dat docenten en studenten… wat meer zingeving in het onderwijs ervaren. En dat het niet alleen maar is om te leren over dat ene vak… maar dat het ook onderwijs is wat helpt om goed in het leven te staan. En vanuit liefde en vanuit respect voor de natuur en voor de ander… dat het ook gewoon ethisch verantwoord onderwijs is. En dat daar altijd gewoon goed over nagedacht wordt. En als dat niet zo is, dat ze dan gaan nadenken van… oké, misschien moeten we dat dan aanpassen of zo. Dus dat er wel gewoon altijd kritisch over nagedacht wordt van… leidt dit nog wel tot iets positiefs? Of ben ik nu gewoon een vak aan het lesgeven… waar weinig gevoel en liefde in zit? Dus ik hoop gewoon over vijf jaar dat het onderwijs wat liefdevoller nog is.
Rinus: Mooi. Super bedankt dat je hier was. En dat je het even toe wilde richten, je handreiking. Waar kunnen we die handreiking vinden eigenlijk, Timo?
Simon: Ik zal de link in de show notes zetten, dan kan je klikken.
Rinus: Oh, op de website toch? Of wat bedoel je?
Simon: Dus in de omschrijving van de podcast kan je links plaatsen.
Rinus: Ah, oké.
Rens: En anders kunnen de luisteraars altijd nog naar de website… van het overlegplatform AD. Dan kunnen ze op die website, daar staat de handreiking ook… onder de documenten opgenomen.
Simon: En Rens Rietveld toevoegen op LinkedIn?
Rens: Ja, jullie kunnen natuurlijk allemaal massaal toevoegen op LinkedIn.
Bob: Miljoenen luisteraars.
Rens: Miljoenen luisteraars. Ik heb allemaal ruimte voor jullie allemaal.
Rinus: Oké, mooi. Bedankt. En mocht je vragen hierover hebben of goede voorbeelden hebben… daar zijn we altijd naar op zoek… stuur dan een mailtje naar info at debeteredocentenkamer.nl.
Simon: Dank je wel.
Rinus: Doei.
Gratis downloaden
Hier kan je de “Handreiking Impactmakerschap op niveau 5” gratis downloaden als PDF: www.deassociatedegree.nl/wp-content/u…ie-1_DEF.pdf
Verder luisteren
In deze aflevering verwezen we er al naar: in aflevering 35 spraken we met Kees Klomp over betekeniseconomie, de denkstroming die pleit voor systeemverandering en duurzame transitie.
